Het Wakend Oog

Dit schip heeft een plaquette van de SSRP aan boord van een eerdere inschrijving, maar staat nu "geregistreerd" in Categorie X in het Stamboek en wordt dus gekenmerkt als 'Inactief'. Schip en eigenaar zijn op dit moment NIET "actief" aangesloten bij de SSRP als Behoudsorganisatie. De huidige eigenaar is (nog) niet in onze administratie opgenomen. Deelname aan Evenementen waarbij de eis wordt gesteld, dat het schip en de eigenaar zijn aangesloten bij dezelfde Behoudsorganisatie als onderdeel van de FVEN, is vanuit de SSRP daarom NIET mogelijk.
Dit betekent dat het schip nog onderdeel is van de Aanmeldingsprocedure (her-inschrijving) of, en dat geldt voor de meeste schepen, de eigenaar heeft het schip niet her-aangemeld en betaalt dus ook geen jaarlijkse bijdrage aan de SSRP voor Inschrijving in het Stamboek. Eventueel vermelde gegevens van schip en oud-eigenaren dateren meestal uit de periode van eerdere 'actieve' Inschrijvingen en zijn waarschijnlijk niet volledig en mogelijk niet correct. Voor dit schip kan, omdat het niet aantoonbaar voldoet aan de Criteria van de SSRP, geen Meetbrief door de KNWV worden afgegeven.
Vanwege de doelstelling van de SSRP om alle historie van de in het Stamboek opgenomen schepen vast te leggen, worden in de Schepenlijst wel de in het stamboekarchief beschikbare gegevens van dit ooit geregistreerde schip en summiere gegevens van de (oud-)eigenaren getoond.
Heeft u informatie over dit schip of bent u eigenaar en wilt u het graag weer 'activeren'? Laat het ons weten!
Scheepswerf Wed. J. Boot "De Dageraad" in Woubrugge was van 1847 tot 1980 actief. In 1901 verhuist de ijzeren scheepsbouw van de Scheepswerf "De Dageraad" te Woubrugge naar een terrein te Oudshoorn. Uit archiefstukken valt op te maken dat ook deze werf ''De Dageraad" genoemd wordt. In 1914 volgt het resterende deel van "De Dageraad". In 1918 wordt Oudshoorn deel van de gemeente Alphen aan de Rijn. Het bedrijf wordt in de periode 1947-1981 voortgezet als Firma Boot.
De paviljoentjalk 'Het Wakend Oog is gebouwd in 1897 en onder de naam 'Riethandel' te water gelaten. In "De Rijnbode' wordt vermeld dat er op 19-09-1897 twee kielleggingen plaatsvinden voor een paviljoentjalk van 45 lasten, één voor G. Poelgeest uit Zaandam en één voor M. Bakker uit Boskoop.


Eigenschappen
Plaquette nummer: | 474 | Zeil nummer: | TA50 |
---|---|---|---|
Categorie: | X | Tekening nummer: | |
Type: | Paviljoentjalk |
Bouw
Bouwjaar: | 1897 | Ontwerper: | Wed. J. Boot |
---|---|---|---|
Werf: | Wed. J. Boot "De Dageraad" | Werf plaats: | Woubrugge |
Motor: | Inbouw | Motor type: | |
Materiaal romp: | IJzer | Materiaal kajuit: | Staal |
Materiaal zeil: | Dacron | ||
Onderwaterschip: | Kiel: |
Afmetingen
Lengte stevens: | 19,24 m | Breedte berghout: | 3,72 m |
---|---|---|---|
Diepgang: | 0,59 m | Masthoogte water: | 14,00 m |
Oppervlakte grootzeil: | 0,00 m2 | Oppervlakte fok: | 0,00 m2 |
Oppervlakte botterfok: | 0,00 m2 | Oppervlakte kluiver: | 0,00 m2 |
Oppervlakte totaal: | 0,00 m2 | Oppervlakte overig: | 0,00 m2 |
Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip
1901 (meting) – 1909 | P. Maet, Nieuwer-Amstel ( Riethandel) |
---|---|
1909 (meting 1918) – onbekend | J. Bouwman, Waddinxveen ( De Goede Verwachting) |
1943 (meting) – 1947 | Reederij Boekel, Amsterdam ( Goede Verwachting) |
Visserschip in de periode 1947-1956 (meting 1947) – Directie-keet tot 1956 | J. de Moed, Workum ( Workum 40) |
1956 – 1982 | H. en J. Smit, Amsterdam ( Het Wakend Oog) |
1982 – 1988 | B. Slagter, Enkhuizen ( Het Wakend Oog) |
1988 – 2003 | Mr. J.A. de Vreeze, Venhuizen ( Het Wakend Oog) |
2012 – 2022 | L.T. de Jong, Woudsend ( Het Wakend Oog) |
Geschiedenis
1901
5 september 1901
5 september 1901: Liggers Scheepsmetingsdienst: Details over het schip Riethandel - Meetnummer: A931N



1943
9 maart 1943
9 maart 1943: Liggers Scheepsmetingsdienst: Details over het schip Goede Verwachting - Meetnummer: A12055N



1947
25 juni 1947
25 juni 1947: Liggers Scheepsmetingsdienst: Details over het schip Goede Verwachting - Meetnummer: G7525N

1978
30 oktober 1978
30 oktober 1978: Liggers Scheepsmetingsdienst: Details over het schip Het Wakend Oog - Meetnummer: A24939N



1987
december 1987
december 1987: Spiegel der Zeilvaart december 1987 nummer 10 - De paviljoentjalk 'Het Wakend Oog' een oude getrouwe

Bart Slagter is één van de charter-schippers die niet zelf en met eigen handen een casco van de sloop gered en opgebouwd heeft. Zijn sympathie voor „Het Wakend Oog" die hem tevens als geriefelijke woning dient, is er niet minder om. In 1956 kocht de familie Smit de tjalk. Tot dat jaar deed het schip dienst als een soort drijvende directiekeet. De opbouw werd er af gesloopt en het casco kreeg een goede beurt. Er werd een royale roef over een groot deel van het ruim gebouwd en er werd een Ford dieselmotor in geplaatst. Zo zoetjes aan begon het schip weer te ogen. In Harlingen werd een mast op de kop getikt en met wat tweedehands zeilen kwam de tjalk als „Het Wakend Oog" als jacht in de vaart. In 1960 werd bij Blom in Hindeloopen een fraai interieur ingetimmerd. In dat jaar werd ook een tuigage van een Fries wedstrijdskûtsje overgenomen. Het schip overwinterde steeds in Hindeloopen. Begin van de zeventiger jaren werd „Het Wakend Oog" voor het eerst voor charterwerk ingezet en geleidelijk aan is dat verder gegroeid. Eerst was Muiden de uitvalsbasis, later werd dat Enkhuizen met de oprichting van Zeilvaart Enkhuizen.

Geschiedenis
De paviljoentjalk werd in 1897 op de werf van J. Boot te Woubrugge met bouwnummer 77 voor de vrachtvaart gebouwd. Een paviljoentjalk kenmerkt zich doordat de woning van de schipper in het verhoogde achterdek is ondergebracht. Het dek is daar tot op potdekselhoogte gelegd. De schipper staat met de verlengde helmstok als het ware voor zijn kleine woning op het dek vlak achter de luikenkap te sturen. Bij de roeftjalken staat hij achter zijn woning. De paviljoentjalken zijn doorgaans van bescheiden afmetingen. „Het Wakend Oog" meet 19,24 meter lang, 3,72 breed en heeft een diepgang van slechts 0,60 meter. Het schip is oerdegelijk gebouwd: de afstand tussen de spanten bedraagt slechts 28 centimeter. Het is daarmee een zwaar gebouwd schip.
Voorzover bekend heeft de tjalk behalve vracht in Holland ook tussen Holland en Friesland vice versa gevaren onder de namen „Riethandel" tot 1901, „De Goede Verwachting" tot 1918, „Goede Verwachting" tot 1943, eveneens „Goede Verwachting" tot 1947. Daarna is er een grijs stukje geschiedenis, waarvan de gegevens niet bekend zijn. Het schijnt dat de tjalk eventjes in de visserij is geweest onder het registratienummer Workum 40. Nadat het als drijvende directie-keet heeft gefungeerd, werd het door de familie Smit in 1956 „Het Wakend Oog" gedoopt. Op de roerklik is dan ook een fraai open oog geschilderd!
SdZ 1987 nr10 december - De paviljoentjalk 'Het Wakend Oog' een oude getrouwe
2005
2005
2005: Schepenboek De Dageraad v/h Wed. J. Boot - Woubrugge - Bouwnummer 77: paviljoentjalk RIETHANDEL 1897

2012
maart 2012
maart 2012: Leo de Jong en Jitske Schmitz kopen het schip in maart 2012

De in 1897 gebouwde paviljoentjalk “Het Wakend Oog’ is in de loop van de tijd voor verschillende doeleinden gebruikt. Aanvankelijk werd ze als vrachtschip ingezet. Ze bracht goederen van de Hollandse kant van de Zuiderzee naar de Friese kust. Ze heeft gevaren onder de namen “Riethandel”, “De Goede Verwachting” en “Goede Verwachting”. Later, in slechtere tijden, voer “Het Wakend Oog” onder het registratienummer Workum 40 met vissers uit.
In 1956 werd het schip gekocht door de familie Smit en kreeg het haar huidige naam “Het Wakend Oog”. Naar verluidt kwam de familie Smit graag op Terschelling en zodoende hebben zij hun schip vernoemd naar “Het Wakend Oog, de bijnaam voor de vuurtoren van Terschelling, de Brandaris. De familie Smit heeft het schip omgebouwd tot een veilig en comfortabel zeilschip. Begin van de zeventiger jaren werd “Het Wakend Oog” voor het eerst voor charterwerk ingezet. Eerst was Muiden de uitvalbasis, later werd dat Enkhuizen. In 1980 werd het schip verkocht aan Bart Slagter. Hij heeft er ruim 8 jaar mee gevaren en van het schip een luxe charterschip gemaakt, een schip dat net iets meer had dan de boten van de bruine vloot. Van 1988 tot 2000 heeft het schip diverse andere schippers gehad die met het schip hebben gecharterd. De bij ons bekend zijnde schippers zijn Willem Beiske, Hans van Wijk en Herman van Linschoten. In 2000 is het schip uit de charter gehaald en gebruikt als woonschip. In deze tijd heeft het schip heel weinig onderhoud gehad en raakte vervallen. Wij hebben het schip in maart 2012 gekocht en zijn in het najaar van 2012 begonnen aan de restauratie van het schip.
Een paviljoentjalk kenmerkt zich doordat de woning van de schipper in het verhoogde achterdek is ondergebracht. De schipper staat met de verlengde helmstok als het ware voor zijn kleine woning op het dek. Deze woning is nu kleiner dan vroeger omdat de machinekamer deels in deze woning is uitgebouwd. Een gedeelte van de schipperswoning is nog betimmerd met de originele kraaldelen uit 1897 in blank gelakt eikenhout. De originele bedstee uit 1897 is nog aanwezig. In de winter van 2014-2015 is de schipperswoning gerestaureerd.
De mast op het schip stamt uit 1956 en telt 375 jaarringen.
