2025-7 Al meer dan 70 jaar

Al meer dan 70 jaar houdt de SSRP de belangstelling voor Ronde en Platbodemjachten springlevend, met natuurlijk het Stamboek, waarin anno 2025 liefst 51 verschillende scheepstypes zijn opgenomen. Ondanks het succes is er ook een ontwikkeling die tot nadenken stemt.

Al in 1939 verscheen in De Waterkampioen een oproep om te komen tot de oprichting van een boeierclub, want het aantal traditionele jachten in ons land nam in rap tempo af (zie ook het artikel 'Jachtschippers en boeierknechten' in dit nummer). Helaas brak kort daarna de Tweede Wereldoorlog uit. Het duurde bijna 10 jaar voordat in 1948 een volgende oproep werd gedaan, in 1952 gevolgd door het in het leven roepen van de Commissie Stamboek Friese Ronde jachten, geïnitieerd door het bestuur van het Fries Scheepvaart Museum. En in 1955 werd de Stichting Stamboek Ronde en Platbodemjachten opgericht, voor alle typen 'Oud-Vaderlandse' zeilschepen. In de praktijk betekende dat - naast Friese ronde jachten — ook voormalige vrachtschepen uit de binnenvaart (tjalken, klippers e.d.) en vissersschepen van de (voormalige) Zuiderzee (botters, schokkers, bollen enz.).

Minder scheepstypen in 2025

De doelstelling werd 'Het bevorderen van de belangstelling voor het Nederlandse Ronde en Platbodemjacht, in de breedste zin van het woord' en in de taakomschrijving bleef de cultuur-historische kern behouden. De eerste Schepenlijst die werd uitgegeven bevatte 114 schepen. Dit aantal is 70 jaar later, in 2025, uitgebreid tot ruim 2800(!) schepen en dat worden er jaarlijks meer.
Deze schepen zijn onderverdeeld in 71 verschillende scheepstypes. Maar op 1 januari 2025 telden we nog "slechts" 51 verschillende types. We zien de afgelopen jaren het aantal 'actieve' scheepstypes steeds wat afnemen. Dat maakt nieuwsgierig. Als je in 2025 de Schepenlijst doorloopt, valt op dat, door de jaren, vooral de oude, tot plezierjacht verbouwde vrachtscheepjes niet meer 'actief zijn in het Stamboek. Een ontwikkeling die tot nadenken stemt.

Geen schip is gelijk! SSRP-reünie in Lemmer, 1965. (foto Theo Kampa)
Geen schip is gelijk! SSRP-reünie in Lemmer, 1965. (foto Theo Kampa)

Grundels

Ook dit jaar zien we weer veel mutaties. Het valt vooral op dat er nu schepen van eigenaar verwisselen, die soms al meer dan vijftig jaar eigendom waren van dezelfde familie. Een aantal weken geleden vierde de houten kajuitschouw Pallieter haar vijftigste verjaardag op de geboortewerf van Brandsma. De schouw is nog steeds eigendom van de opdrachtgever, het bewijs dat eigenaren een hele sterke band kunnen hebben met hun bijzondere schip!
Inspirerend en motiverend is dat dit jaar al een paar kleinere schepen zijn (her)ingeschreven in het Stamboek. Daar vallen natuurlijk een aantal Friese jachten, tjotters en Staverse jollen onder, maar ook een paar kleine grundels uit de beginjaren van Jan Kooijman in Zwijndrecht. Scheepjes die de tand des tijds ruimschoots hebben doorstaan door de toegewijde zorg van hun vroegere eigenaren.
Gelukkig is ook de stalen boeier Frans Naerebout van meer dan 100 jaar oud, weer als 'actief' aan de vloot toegevoegd, na jaren uit beeld te zijn geweest. Een bijzondere inschrijving is de ZL37 Adriana, een zeeschouw, vroeger ook wel spek-bak genoemd. Deze schouw werd gebouwd in 1935 bij Amels in Makkum voor de visserij en heeft een lengte van 10 meter. Het scheepje is in 2003 weer onder zeil gebracht na een leven van vele (gelukkig gedocumenteerde) aanpassingen. Voor de pleziervaart is ze een meter ingekort. De populariteit van een aantal types is aan de inschrijvingen af te lezen: Lemsteraken, zeeschouwen en Vollenhovense bollen. Vooral de laatste twee types zijn erg populair. Niet te groot en veel (zeil)comfort. Wat dat betreft hebben de ontwerpers Huitema en Gipon hele goede ontwerpen gemaakt, die ook toentertijd al ruimschoots aan de eisen van de SSRP voldeden.

Ontwikkeling staat nooit stil

Het grote aantal scheepstypen van de beginjaren is goed verklaarbaar. In 1956 werd al geconstateerd dat de verschillen tussen de typen vaak zeer klein zijn en meer steunen op plaatselijke gewoonten dan op weloverwogen afwijkingen. Maar het Stamboek eerde met al die typen ook de oude scheepsbouwers die hun schepen "de allerindividueelste expressie van hun allerindividueelste kunnen" meegaven, in samenspraak met de opdrachtgevers en passend bij het doel waarvoor het schip werd gebouwd.
Dat uitgangspunt geldt eigenlijk nog steeds. Unieke eisen van opdrachtgevers, het gebruik van nieuwe materialen en technieken zijn nog steeds aanleiding voor discussies binnen het Stamboek. Niet voor niets is een paar jaar geleden de Categorie Extraordinaire (buitengewoon) in het Stamboek geïntroduceerd.
Een mooi voorbeeld van een in deze categorie opgenomen schip, is de hoogaars Nehalennia, waarvan elders in deze Spiegel een prachtige fotoreportage staat.

Jan Eissens, Stamboekbeheer SSRP

pdf Spiegel der Zeilvaart September 2025 nummer 7: Al meer dan 70 jaar

Terug naar vorige pagina